Belangrijkste onderwerpen in deze editie
(klik op de titels voor een directe verwijzing naar het onderwerp uit het magazine)
Maastricht doet zijn best om fietsstad te worden. Er ligt een doorwrocht fietsplan dat er op is gericht de positie van de auto enigszins terug te dringen ten faveure van de fiets. Is daarmee het fietsbeleid in Maastricht een voorbeeld voor andere steden? In dit artikel een poging de Maastrichtse fietssituatie diepgaander te analyseren.
Voor korte verplaatsingen, tot 7,5 km, noemt Maastricht in het nieuwe fietsplan een fietsaandeel van 31% in 2005-2007. Daarmee is het duidelijk gestegen ten opzichte van de 26% die het rond 2000 was. Dat neemt niet weg dat Maastricht een nogal autovriendelijke stad is, met zware radialen tot op 100 meter van de Markt en volop parkeergelegenheid in/onder het centrum. En in en nabij dat centrum weegt het belang van fietsers niet erg zwaar. In 2009 is het nieuwe Fietsplan vastgesteld, inclusief een lijst van 60 omvangrijke projecten. In de ontwerpen van de A2-passage speelt het fietsverkeer ook een belangrijke rol.
De fiets inspireert ontwerpers wereldwijd. Maar het zijn niet de traditionele fietsfabrikanten die opvallen. Vooral de ontwerpen van de - toekomstige - leenfiets spreken tot de verbeelding met talrijk high-tech snufjes. Maar ook de moderne versie van de bakfiets trekt de aandacht. Minder spectaculair maar wel effectief is de ov-fiets, ook een vorm van innovatie.
De leenfiets is een grote inspirator voor ontwerpers. Vaak gedragen door een maatschappijvisie waarbij de fiets meer is dan alleen een handig voertuig op twee wielen. De Zwitserse designer Rafael Schmidt kan daar model voor staan. Schmidt: ‘Een leenfietssysteem moet meer zijn dan een transportsysteem. Het gaat niet alleen om het vervoeren van mensen en goederen, het moet de gebruiker en de stad toegevoegde waarde bieden. De leenfiets kan beeldbepalend zijn en de fietsen fungeren als sensoren die de verkeersstromen monitoren en het systeem voeden met informatie.’ De moderne leenfiets wordt volgestouwd met elektronica: GPS, internet en elektrische aandrijving worden de nieuwe standaard. Maar het kan ook simpeler. Met de bakfiets 2.0 zijn complete studentenkamers te verhuizen.
In Nederland springt de ov-fiets eruit. Simpel ogend, maar daarom juist effectief aldus Rick Lindeman, innovatie-expert bij Agentschap NL.
De meest imposante fietsenstallingen zien we in Japan, waar duizenden fietsen automatisch ondergronds gaan. In ons land komt CROW- Fietsberaad met een innovatief beloningssysteem voor fietsers die hun fiets die een fietsenstalling bezoeken: fiets en win.
Fietsambtenaren verwachten dat investeringen in fietsbeleid redelijk overeind blijven bij de dreigende bezuinigen die gemeenten te wachten staan. Dat blijkt uit een enquête van het Fietsberaad onder ambtenaren die zich met fietsbeleid bezig houden.
De meeste bezuinigingen worden verwacht op de aanleg van fietsinfrastructuur. Meer dan een kwart verwacht bezuinigingen op dit terrein. Terwijl nog eens 40 procent ‘wellicht’ invulde. Ook op beheer en onderhoud van fietsinfrastructuur verwachten de respondenten bezuinigen (18 procent). Op aanleg van fietsparkeervoorzieningen iets minder (14 procent). Over de exploitatie van fietsparkeervoorzieningen (8 procent) en over voorlichting en communicatie op het gebied van fietsen (9 procent) hangen volgens de ambtenaren de minste donkere wolken.
Als het gaat om de landelijke politiek, zien we dat bij veel partijen de fiets opvallend afwezig is in de verkiezingsprogramma’s. De VVD wijdt er geen woord aan. Het CDA was het onderwerp aanvankelijk vergeten in het conceptverkiezingsprogramma. Ook de PvdA kwam pas laat - na het verschijnen van dit artikel - met een paragraaf over de fiets. De meest uitgebreide fietsparagrafen komen van ChristenUnie, GroenLinks, D66 en de SGP. De PVV is vooral auto-georiënteerd.
In Nederland geloven we vooral in de keten. Met de fiets naar het station en met - een tweede -fiets van station naar kantoor. We zijn er inmiddels aan gewend, maar waarom niet de eigen fiets mee in trein of bus? Het scheelt vaak een extra fiets en een stallingsplaats. Een recente Vlaamse internationale inventarisatie van fietsmeeneemsystemen in het ov laat echter zien dat de mogelijkheden daartoe beperkt zijn.
Het onderzoek bespreekt onder andere enkele Nederlandse initiatieven voor het meenemen van de fiets in het openbaar vervoer. De fiets kan momenteel in de bus mee onder de Westerscheldetunnel, een kort traject tussen twee haltes als compensatie voor de weggevallen veerdienst. Er wordt echter weinig gebruik van gemaakt. Verder zijn er, naast mislukte experimenten en fietsreisbussen die het onderzoek noemt, mogelijkheden in Amsterdam (veren, metro en IJtram), Rotterdam (metro), Den Haag (RandstadRail). In Amsterdam bijvoorbeeld kunnen fietsen tegen gereduceerde betaling mee in de metro en in tram 26 (IJttram). In de voertuigen zijn hiervoor speciale plekken aangewezen. Stadsregio Rotterdam heeft in december 2009, na een proefperiode van enkele maanden, besloten dat fietsen in het weekend, buiten de spitstijden en na 18.30 uur gratis mee mogen in de metro. En dan is er nog de succesvolle waterbusverbinding tussen Dordrecht en Rotterdam waar veel fietsers dagelijks gebruik van maken.
Met de NS kun je fietsen buiten de spits en in het weekend meenemen voor een vast tarief, ongeacht de reisafstand (Dagkaart fiets: 6 euro). Bij andere aanbieders van treinreizen kunnen ook fietsen mee, bijvoorbeeld op het lighttraintraject Dordrecht-Geldermalsen, ofwel de MerwedeLingelijn (Arriva). De interesse hiervoor is boven verwachting,
Ten slotte nog een proefproject met bikecarriers aan de voorzijde van de bus. Dit is in Europa verboden vanwege de verkeersveiligheid en bescherming van zwakke weggebruikers. Toch doet een consortium van Volvo Nederland, Veolia Transport en studiebureau N[able] onderzoek naar de mogelijkheden op bussen in Gelderland. Het ministerie van V&W heeft hiervoor ontheffing verleend.
Samenvattend stelt het rapport dat de fiets in het ov wellicht kansen heeft op de verbindende, landelijke lijnen, niet op ontsluitende lijnen. Vandaar dat het rapport ook aanbeveelt in stedelijke gebieden en knooppunthaltes voluit in te zetten op fietsverhuur.
Davis, Californië: ‘The Bicycle Capital of the World’
'The Bicycle Capital of the World', ofwel de fietshoofdstad van de wereld. Zo noemt Davis zichzelf graag. De stad kent in tegenstelling tot haar omliggende gemeenten een hoog percentage verplaatsingen per fiets, ongeveer 20-25 procent. Davis heeft het dus voor elkaar gekregen om een met Nederlandse steden vergelijkbaar fietsaandeel op te bouwen, zij het dat het vooral studenten zijn die het straatbeeld bepalen.
Het doel van de gemeente is om weer 25 procent van alle trips per fiets te laten plaatsvinden. Het huidige fietsbeleid in Davis richt zich op twee zaken in het bijzonder: goede stallingen en fietseducatie op school. Ook het verbeteren van verkeersveiligheid krijgt de nodige aandacht.
Davis heeft een fietsnetwerk aangelegd door de hele stad. Een belangrijk onderdeel hiervan is de zogenaamde ‘bike loop’, een recreatieve route door heel Davis. Deze 20 kilometer lange route bestaat voornamelijk uit vrijliggende fietspaden. Deze wordt bovendien veel gebruikt voor utilitaire verplaatsingen vanwege de veilige en snelle routes. Naast dit fietspadennetwerk bevinden zich in de meeste straten in het centrum en enkele grote straten erbuiten fietsstroken. Deze zijn gemarkeerd met een witte streep. Langs de grootste wegen liggen vrijliggende fietspaden. Een goed werkend infrastructuurelement is de fietsrotonde. Deze rotondes bevinden zich op de campus.